Murano Burano Torcello
Op het Canal Grande stappen we op de vaporetto en varen langs een aantal palazzi (o, nee Ca's) en maken de oversteek naar San Michele in Isola, het eiland dat sinds 1837 door de Venetianen als begraafplaats wordt gebruikt. Je komt op het kerkhof door een 15e eeuwse kloostergang waar zich een aantal oude grafmonumenten bevinden. De stilte valt op. De cipressen, de witte kruizen op de grafzerken en de vele (kunst-)bloemen geven een speciale atmosfeer. We zoeken de door Cor genoemde beroemde overledenen die hier rusten. Op het orthodoxe veld vinden we de graven van Igor Stravinsky en zijn vrouw Vera, en de danser Sergei Diaghilev. We genieten van de rust en de zon. Het is nu zo warm dat de schaduw gezocht moet worden.

De boot brengt ons verder naar Murano, het glaseiland. De glas- en toeristenindustrie beheersen dit eiland. In 1293 besloot de Venetiaanse overheid om de glasblazerij in de stad te verbieden wegens brandgevaar. Alle ovens werden geconcentreerd op het eiland Murano. Niet alleen zijn er werkplaatsen die bezocht kunnen worden, maar het ritselt er ook van de winkels met glazen beeldjes en andere prullaria.
Corrie en ik lopen wat glaszaakjes binnen, maar kunnen er niet warm of koud van worden. |
|
 |
Aan het eind van de gracht lopen we een galerie in waar tot onze verrassing achter de tentoonstellingsruimte een grote hal is waar men aan het glasblazen is.
Er is hier geen toerist te zien, de glasblazers zijn reuze vriendelijk. Ze maken glazen kunstvoorwerpen en lopen heel handig met de ijzeren staven met de gloeiend hete glasmassa al draaiend naar hun werkbank en brengen er door te draaien model in. Voor het enige mooie gebouw, de Basilica dei Santi Maria e Donato hebben we geen tijd meer. De boot roept.
Het is een behoorlijk lange tocht naar Burano, het kanteiland, met de huisjes in allerlei felle kleuren. Tijd voor een bezoekje is er niet. We stappen over op de boot naar Torcello. Langs een kanaal komen we bij de overblijfselen van de oude glorie van het eiland en beginnen met een bezoek aan de Santa Fosca. Deze kerk is in de vorm van een Grieks kruis gebouwd, heeft een fraai portaal en een sereen byzantijns interieur. Het is hier behoorlijk druk. Het centrale koepelgewelf wordt gedragen door zuilen van Grieks marmer met korintische kapitelen. Achter in de kerk staat de troon van Attila, koning der Hunnen.
We lopen verder naar de kathedraal. Tussen het priesterkoor en het gedeelte voor de gewone gelovigen staat een afscheiding, een zogenaamde ikonostase met bovenaan een rij ikonen. De sublieme marmeren panelen zijn gegraveerd met pauwen, leeuwen en bloemen.

|
|
 |
Boven het hoofdaltaar is in het apsismozaïek de Madonna Theotoka afgebeeld tegen een gouden achtergrond. Tegen de ingangsmuur bevindt zich een prachtig, heel groot mozaïek met afbeeldingen van de belangrijkste onderdelen van het christelijk geloof. Cor legt het mozaïek uit. Het is het Laatste Oordeel, van de hemel tot de hel. Colli is het niet helemaal eens met de uitleg van Cor en vertelt hem dat ze sommige taferelen anders leest.
Verder op dit eiland houden we het voor gezien en in de stromende regen lopen we terug naar de vaporetto. We moeten in Burano weer overstappen en hebben even gelegenheid voor een snelle koffie, waarna we op een rechtstreekse boot naar het Lido stappen. We hebben nu een echt rondje eilanden in de lagune gevaren. Deze tocht is lang en saai, vooral omdat het regent en er dus niet veel te zien is. Pas laat komen we aan in het hotel en krijgen maar even de tijd om ons om te kleden voor het diner, het afscheidsdiner.
Rein Koopmans
|