Burchiello
Om acht uur staan we trouwhartig klaar. Een bus vervoert ons naar Stra. Bij de Villa Pisani wacht een gids op ons. De Villa Pisani is een enorm buitenhuis dat in de 18e eeuw door Venetiaanse patriciërs gebouwd is. Napoleon, die er één nacht heeft doorgebracht, kreeg de villa in 1807 in bezit. Sinds 1882 is het een nationaal monument. Hier werd in 1934 Hitler voor het eerst ontvangen door Mussolini. Het spectaculaire deel van het paleis is de balzaal met een door Giovanni Tiepolo beschilderd plafond, waarop de apotheose van de familie Pisani wordt afgebeeld.
Vanaf het huis loopt een lange vijver tot aan de stallen. Teruglopend naar het huis passeert men het tuinhuis, een poortgebouw, vanwaaraf de prachtige symmetrische lijnen van de tuin te zien zijn, en vele beelden.
Een deel van de groep probeert tot grote hilariteit en met veel kreetjes en gegil de doolhof te bedwingen. Enkele grapjassen proberen op allerlei manieren de groep te misleiden. Eenmaal middenin is er een uitkijktoren. Nu arriveert ook een Italiaans schoolreisje met een juf met fluitje. Tot opluchting van onze reisgenoten geeft ze aanwijzingen om de doolhof weer te verlaten.
 |
|
Hierna gaan we per burchiello (boot) over de Brenta naar Venetië. Helaas is het niet warm genoeg om de overkapping open te laten. Op het dek is het met een jas aan wel uit te houden. Bij de boot behoren ook twee mannen die de route per auto meerijden en alle sluizen voor ons bedienen. De vrouwelijke gids babbelt in het Engels-italiaans wat in de microfoon, die ze krachtig tegen haar dikke, getuite lippen drukt. Vrijwel onverstaanbaar maakt ze een fraaie imitatie van Daffy Duck.
|
We tuffen rustig aan, iedereen voert gesprekjes en fotografeert. Zo zijn we heerlijk relaxt bezig en arriveren bij de Villa Barchessa Valmarana. Een villa met een prachtige tuin met buxussen in allerlei kunstige vormen, mooie beelden van dames, putti etcetera. In de huiselijke woonkamer vertelt de gids ons een mooi verhaal over de familie, dat me helaas is ontschoten.
De lunch gebruiken we in Ristorante Il Burchiello in Oriago, een visrestaurant waar men regelmatig grote groepen ontvangt. Alles staat klaar. Iedereen geniet. De wijn vloeit rijkelijk. Zelfs tussen de tafels worden flessen uitgewisseld.
Na de lunch bezoeken we de mooiste schepping van Andrea Palladio, de Villa Foscari, beter bekend als Villa la Malcontenta. De villa ligt glorieus aan de Brenta. De opdracht tot de bouw werd gegeven door Nicolo en Luigi Foscari, leden van een Venetiaans geslacht dat enige dogen heeft geleverd. Palladio werkte tussen 1550 en 1560 aan het huis dat zijn bijnaam, de Ontevredene, te danken heeft aan een echtgenote van één van de Foscari's, die hier zou zijn opgesloten omdat ze het met de huwelijkstrouw niet zo nauw nam.
Eenmaal terug in de boot moedigen we een paar gondeliers in training aan en arriveren even later op de lagune van Venetië. De boot stampt behoorlijk. Het water is ruw en heeft schuim op de koppen. De motor moet hard werken en geeft daardoor zoveel warmte af, dat de leren tas van Lettie verschroeit.
Iedereen staat aan dek en geniet van het imponerende gezicht op Venetië. Eenmaal aan wal loodst Cor ons door smalle steegjes naar de watertaxi, die ligt te wachten aan de Riva degli Schiavoni. Hier komen we de volgende dagen nog regelmatig. We bekijken nog wat "dingetjes", zoals de doopkerk van Vivaldi, de San Giovanni in Bragora. Bij de kade is het even zoeken naar de voor ons bestelde watertaxi. Het water spat hoog op en à la James Bond trekken we een diep kielzog in de lagune.
In hotel Rivièra op het Lido verloopt de kamerindeling soepel. Plotseling horen we een sirene loeien. Het is toch geen oorlog?
|
|
 |
We eten in Venetië "downtown". Cor deelt vaporettokaartjes uit. De volgende ochtend zullen we een driedaags abonnement krijgen. De eerste tocht in een vaporetto vóór het diner in Dona Onesta is een sensatie. We stappen uit bij het station San Tomà. Het eten is voortreffelijk, ravioli met mosselen, zalmmoot (met graatjes), vruchten en koffie na. Natuurlijk met veel wijn weggespoeld. De gérant vertelt dat het hoogwater is en dat we het restaurant waarschijnlijk niet met droge voeten kunnen verlaten. We lachen smalend, maar het is écht waar! De schoenen en kousen moeten uit, sommigen gaan op de sokken en anderen houden gewoon hun schoenen aan. Het water staat tot ver boven de enkels. Hugo wordt door Rein en mij gedragen, want hij heeft een ingetapete enkel die absoluut niet nat mag worden. Helaas heb ik mijn fototoestel niet bij me. Bij de vaporetto trekt iedereen nog nagrinnikend zijn kousen en schoenen weer aan. We verbazen ons dat alle Venetianen laarzen aanhebben of vuilniszakken om hun schoenen; hebben ze die altijd bij zich? Tja, daar waren dus die sirenes voor die we hoorden aan het begin van de avond. Op deze manier wordt men gewaarschuwd voor hoogwater, vertelt Corrie de volgende morgen triomfantelijk aan Cor.
Rein Koopmans
|